Het is een van de weinige punten waarop de Nederlandse politiek het breed eens is: het toeslagenstelsel moet op de schop. En toch groeit het stelsel jaar na jaar. Hoe kan dat?
Die roep om hervorming kreeg een scherpe lading door de kinderopvangtoeslagaffaire. Tienduizenden ouders werden door onterechte terugvorderingen financieel en persoonlijk hard geraakt. Die affaire ging in de eerste plaats over de manier waarop de overheid met mensen omging, en over het tekortschieten van de uitvoering, de wetgeving en het toezicht. Maar ook een van de lessen was hoe ingewikkeld en onverbiddelijk het stelsel zélf kan uitpakken: wie te goeder trouw is, kan jaren later alsnog voor duizenden euro's worden aangeslagen. Dat besef heeft het draagvlak voor een grondige herziening vergroot. En toch blijkt afschaffen weerbarstig.
Het bedrag dat met toeslagen gemoeid is, is fors gestegen: van €11,5 miljard in 2016 naar €20,86 miljard in 2024. En de groei zet door: voor 2026 raamt de Dienst Toeslagen het uit te keren bedrag op €22,3 miljard, aan 6 miljoen huishoudens. Dat komt onder meer doordat het wettelijk minimumloon is verhoogd, waardoor de afbouwgrenzen van toeslagen meestijgen en meer huishoudens recht krijgen. En doordat toeslagen bewust zijn ingezet tegen armoede. Toeslagen zijn zo een steeds belangrijker instrument geworden, en steeds moeilijker weg te denken.
De kern van het probleem: voor de laagste inkomens is de gemiddelde belasting- en toeslagendruk negatief. Wie een of meer toeslagen krijgt, ontvangt per saldo geld in plaats van dat hij belasting betaalt. Hoe meer toeslagen, hoe negatiever die gemiddelde druk.
Schaf je de toeslagen zomaar af, dan vallen er juist aan de onderkant grote gaten. Precies bij de mensen die het geld het hardst nodig hebben. Afschaffen kan daarom eigenlijk alleen als je datzelfde geld op een andere manier uitkeert, bijvoorbeeld via een negatieve inkomstenbelastingEen heffingskorting die wordt uitbetaald als je te weinig belasting betaalt om hem te benutten. Een manier om toeslagen via de belasting uit te keren.: een heffingskorting die wordt uitbetaald als je te weinig belasting betaalt om hem te benutten.
In het onderzoek en het bredere debat komen een paar richtingen terug:
Elk alternatief heeft eigen voor- en nadelen. Soms stijgt de marginale druk voor een bepaalde groep juist, of blijft het rekenwerk grotendeels even ingewikkeld. Een echte vereenvoudiging vraagt dus politieke keuzes, en vaak geld om de groepen die erop achteruitgaan te compenseren.
De kritiek van wetenschappers is dat politici binnen het huidige stelsel "door de bomen het bos niet meer zien". Pas als duidelijk is hoe belasting en toeslagen samen uitpakken, waar de marginale druk piekt en waar de verschillen tussen groepen zitten, kan een hervorming kansrijk zijn. Met de samenloopberekening maak je die werking voor een concrete situatie zichtbaar.
Gebaseerd op het promotieonderzoek van dr. A.T.H. van der Linden, De verdeling van de marginale en gemiddelde inkomstenbelasting- en toeslagendruk (VU Amsterdam, 2024), §3.3 en §3.4. Actuele aantallen en bedragen: Dienst Toeslagen.