Loont meer werken? Hoe toeslagen je marginale druk opdrijven

7 min lezen

"Meer werken loont niet." Je hoort het vaak. Soms klopt het, soms is het een misverstand. Het hangt af van iets wat bijna niemand goed uit elkaar haalt: het verschil tussen je marginale drukHet deel van élke extra euro inkomen dat je niet overhoudt: hogere belasting plus weglekkende toeslagen samen. €100 meer verdienen en €40 overhouden is 60% marginale druk. en je besteedbaar inkomenJe bruto-inkomen min de belasting die je betaalt, plus de toeslagen die je krijgt. Wat je daadwerkelijk te besteden hebt..

Toeslagen stapelen, en hun afbouw ook

Het Nederlandse stelsel heeft niet één nette tariefstructuur, maar een heleboel. Drie toeslagen die van je inkomen afhangen, de zorgtoeslagEen tegemoetkoming in de premie van je zorgverzekering, afhankelijk van je inkomen. Bouwt met een vast percentage af naarmate je meer verdient., het kindgebonden budgetEen inkomensafhankelijke tegemoetkoming in de kosten van kinderen, naast de kinderbijslag. De hoogte hangt af van het aantal kinderen, hun leeftijd en of je alleenstaande ouder bent. en de huurtoeslagEen tegemoetkoming in de huur voor mensen met een lager inkomen. Hoeveel je krijgt hangt af van je huur, inkomen, leeftijd, huishouden en vermogen., bouwen elk op hun eigen manier af als je meer gaat verdienen.

Krijg je ze alle drie tegelijk, dan lopen die afbouwtrajecten over deels hetzelfde stuk inkomen. De afbouw van de ene toeslag komt bovenop die van de andere, en bovenop je belasting en de afbouw van je heffingskortingen. Het gevolg: bij hetzelfde inkomen heeft iemand met de meeste toeslagen de hoogste marginale druk. Op zo'n stuk kan elke extra euro voor 80% of meer wegvallen.

De denkfout: hoge marginale druk is geen armoedeval

Dit is tegen-intuïtief. Diezelfde persoon met de meeste toeslagen krijgt namelijk ook het hoogste bedrag aan toeslagen. En dat betekent iets:

Kortom, hoe relatief hoger de marginale druk bij eenzelfde inkomen is, hoe relatief lager de gemiddelde druk en hoe relatief hoger het besteedbare inkomen. Vanuit het besteedbare inkomen bezien is een hoge marginale druk dus niet voldoende om te concluderen dat sprake is van een armoedeval. Proefschrift A.T.H. van der Linden (VU, 2024), §3.1
Drie grafieken die voor vier huishoudsituaties, van alleen inkomstenbelasting tot inkomstenbelasting plus zorgtoeslag, kindgebonden budget en huurtoeslag, de marginale druk, de gemiddelde druk en het besteedbaar inkomen tonen, afgezet tegen het arbeidsinkomen.
Hoe meer toeslagen iemand stapelt (donkergroen is inkomstenbelasting plus zorgtoeslag, kindgebonden budget en huurtoeslag), hoe hoger de marginale druk (links). Maar tegelijk hoe lager de gemiddelde druk (midden) en hoe hoger het besteedbaar inkomen (rechts). Illustratie uit het promotieonderzoek. Bedragen en regels wijzigen per jaar.

Een hoge marginale druk en een laag besteedbaar inkomen zijn dus niet hetzelfde. Wie veel toeslagen krijgt, heeft een hoge marginale druk, want die toeslagen bouwen af. Maar tegelijk een laag gemiddeld tarief en een hoog besteedbaar inkomen. De armoedeval, waarbij meer werken je netto echt slechter maakt, is iets specifiekers en zeldzamers dan een piek in de marginale druk.

Wil je weten wat er in jouw geval gebeurt, kijk dan niet naar één getal, maar naar het hele plaatje: marginale druk, gemiddelde druk en besteedbaar inkomen samen. Precies dat rekent de situatieberekening voor je door.

Huurtoeslag en kinderopvangtoeslag: maatwerk

Bij de meeste regelingen kun je nog een tariefstructuur aanwijzen. Bij twee toeslagen is de uitkomst vooral maatwerk: de huurtoeslag en de kinderopvangtoeslagEen tegemoetkoming in de opvangkosten van werkende ouders. De hoogte is maatwerk: inkomen, opvangtype, uurtarief en gewerkte maanden bepalen samen het percentage..

  • De huurtoeslag hangt onder andere af van je kale huur, het aantal medebewoners en de leeftijd van de bewoners. Sinds de vereenvoudiging van 2026 daalt de toeslag in de afbouwzone weliswaar met een vast percentage, maar de hoogte en het verloop blijven van je situatie afhangen.
  • De kinderopvangtoeslag heeft geen vast tarief en hangt af van het soort opvang, het aantal uren per kind, het uurtarief en het aantal maanden dat de minstverdienende partner werkt.

Daardoor kan een kleine verandering in je situatie de uitkomst flink veranderen, en zo voor verrassingen zorgen. Het zijn qua vormgeving de twee moeilijkste toeslagen. Een algemene vuistregel bestaat hier niet. Je moet je eigen situatie doorrekenen.

Wat betekent dit voor jou?

Of meer werken loont, is geen ja/nee-vraag met één antwoord voor heel Nederland. Het hangt af van je inkomen, je woonsituatie, je kinderen en welke toeslagen je krijgt. De enige betrouwbare manier om het te weten, is je eigen situatie narekenen. Voor elk uurloon en elk aantal uren.

Gebaseerd op het promotieonderzoek van dr. A.T.H. van der Linden, De verdeling van de marginale en gemiddelde inkomstenbelasting- en toeslagendruk (VU Amsterdam, 2024), §1.6 en §3.1.

Veelgestelde vragen

Loont meer werken voor mij?

Of meer werken loont, hangt af van je totale marginale druk: belasting en toeslagen samen. Bij huurtoeslag, kindgebonden budget of zorgtoeslag kan je marginale druk tijdelijk oplopen tot 80 of zelfs 100%. Via de situatieberekening bereken je je netto-inkomen bij elk uurloon en elk aantal uren.